Helft personeel kinderopvang mag in opleiding zijn vanaf 1 juli 2026
Wat is er veranderd?
De overheid heeft de regels voor het inzetten van leerlingen op de groep versoepeld. Dat klinkt ingewikkeld, maar het komt neer op dit: je mag nu meer mensen met een lopende opleiding inzetten als volwaardig groepspersoneel, zonder dat je in de knel komt met de wettelijke normen.
De wijziging staat in de Regeling Wet kinderopvang en gaat in op 1 juli 2026. De maatregel loopt tot 1 juli 2028. Eind 2027 beslist de minister of dit permanent wordt of stopt.
Voor wie geldt dit?
Deze regeling geldt voor:
- houders van een kinderdagverblijf
- houders van een buitenschoolse opvang (bso)
- kinderopvangorganisaties die dagopvang of bso aanbieden
Gastouders en gastouderbureaus vallen hier niet onder. Voor stagiairs verandert er ook niets, het maximum voor stagiairs blijft één derde van het personeel.
Wat mocht vroeger en wat mag nu?
Tot 2022 mocht maximaal één derde van je personeel op de groep een beroepskracht in opleiding zijn. Dat is iemand die een erkende opleiding volgt en tegelijkertijd bij jou werkt, denk aan een BBL-traject.
Vanwege personeelstekorten in de sector werd dat maximum in 2022 tijdelijk verhoogd naar de helft. Die tijdelijke verhoging wordt nu structureel vastgelegd, tot 1 juli 2028.
Concreet voorbeeld: heb je twee medewerkers nodig op een groep, dan mag er één van die twee een beroepskracht in opleiding zijn.
Hoe werkt het in de praktijk?
Je kunt niet zomaar iemand in opleiding op de groep zetten. Er zijn drie verplichte stappen.
Stap 1: je stelt een begeleidingsplan op voor de beroepskracht in opleiding.Stap 2: de beroepskracht in opleiding, de praktijkbegeleider en de opleidingsbegeleider gaan alle drie akkoord met dat plan.Stap 3: pas daarna mag de medewerker formatief worden ingezet en meetellen in de beroepskracht-kindratio.
Zonder goedgekeurd begeleidingsplan telt de medewerker niet mee. Dat betekent dat je bij een GGD-inspectie tekort komt als je dat niet goed op orde hebt.
Wat betekent dit voor jouw administratie?
Loonadministratie. Beroepskrachten in opleiding verdienen doorgaans minder dan volledig gediplomeerde medewerkers. Controleer of de salarisschalen in je loonadministratie kloppen met het opleidingsniveau en de cao die op jouw organisatie van toepassing is.
Presentielijsten. Je bent wettelijk verplicht bij te houden wanneer elk personeelslid, inclusief beroepskrachten in opleiding, op de groep aanwezig was. Die lijst bewaar je minimaal zes weken. De GGD kan er altijd om vragen.
Personeelsdossier. Het begeleidingsplan is een juridisch document. Bewaar het in het dossier van de medewerker, samen met de arbeidsovereenkomst en andere personeelsstukken.
Subsidies en loonkostenvoordelen. Werk je met BBL-trajecten? Dan kom je mogelijk in aanmerking voor de praktijkleer subsidie via RVO of voor een loonkostenvoordeel via de Belastingdienst. Wij kijken graag met je mee wat er voor jouw situatie van toepassing is.
Wat moet je nu doen?
Je hoeft niets aan te vragen. De wijziging gaat automatisch in op 1 juli 2026. Wel is het slim om je begeleidingsplannen en personeelsplanning op orde te hebben vóór die datum, zodat je er direct gebruik van kunt maken.
Heb je vragen over de loonadministratie, personeelsdossiers of subsidies voor jouw organisatie? Neem dan contact met ons op, we helpen je graag verder.


